BRENG MIJ HANDE KADER

Kun je het niet horen? Dit is oorlog onder onze voeten.

We vinden een lichaam in Istanbul, verbrand en

verkracht. We vinden een groep transseksuelen wiens

aanklachten niet wordt geloofd. Nee is altijd nee, maar

wie luistert naar een vrouw in brand?

Waar was God toen ze Hande Kader verkrachtten? Waar

was God in Orlando? Waar is God elke dag, elke

seconde—Waar is God wanneer schoten ons doorboren,

wanneer zelfs onze identiteit niet meer veilig is?

Elke nacht droom ik dezelfde droom: Hande Kader; grond vies

en bebloed; ogen open. Iets smeult nog na. Zelf na mijn

waken ruik ik rottend vlees; ik

zweet uit de schaamte van mijn zorgeloze bestaan.

Breng mij Hande Kader. Dit is geen afscheid, dit

is het begin van een oorlog. Iets smeult

nog na.